Naburige rechten

marketing Performers Platform
Nog maar kort geleden was het zo dat als bijvoorbeeld “Dromen zijn bedrog” van Marco Borsato op radio 3 werd gedraaid, alleen de componist en de tekstschrijver (via de Buma) daarvoor betaald kregen. Marco Borsato kreeg niets, de platenmaatschappij kreeg niets en ook de begeleidende muzikanten kregen niets. Vanuit het uitgangspunt dat zodra iemands eigendomsrecht gebruikt wordt daarvoor betaald moet worden, was dat een wat merkwaardige situatie. Immers als een liedje op de radio gedraaid wordt, wordt niet alleen gebruik gemaakt van de tekst en de muziek, maar ook van de opname zelf (waar iemand – meestal de platenmaatschappij – eigenaar van is) en van de prestaties van de hoofdartiest(en) en de eventuele sessiemuzikanten…

De verschillende brancheorganisaties en vakbonden hebben er jarenlang voor geijverd dat deze situatie zou veranderen. In 1993 was het tenslotte zover: op 1 juli van dat jaar trad de Wet op de Naburige Rechten (WNR) in werking.

De Wet op de naburige rechten geeft de uitvoerende kunstenaar het uitsluitende recht om toestemming te verlenen voor:
a. het opnemen van een uitvoering;
b. het reproduceren van een opname van een uitvoering;
c. het verkopen, verhuren, uitlenen, afleveren of anderszins “in het verkeer brengen” van een opname van een uitvoering of van een reproductie daarvan dan wel het voor die doeleinden invoeren, aanbieden of in voorraad hebben;
d. het uitzenden, het heruitzenden of het op andere wijze openbaar maken van een uitvoering of een opname van een uitvoering.

In gewoon Nederlands: zonder toestemming van de uitvoerende kunstenaar mogen er geen opnames van zijn prestaties worden gemaakt; men mag een concert of een optreden niet verveelvoudigen (bijvoorbeeld door er cd’s van te maken) en men mag een opname ook niet zonder toestemming uitzenden of op een andere manier in het openbaar ten gehore (laten) brengen. In veel opzichten krijgen uitvoerende muzikanten via de WNR dus gelijksoortige rechten als componisten en tekstschrijvers via de Auteurswet.

Vergoeding

Als een uitvoerend kunstenaar eenmaal toestemming heeft gegeven voor een openbaarmaking (is er bijvoorbeeld met zijn toestemming een cd verschenen), dan heeft hij niet meer het recht om een uitzending van die opname te verbieden. De omroep die de opname uit wil zenden, moet de uitvoerende kunstenaar(s) echter wel een vergoeding betalen. En ook aan de producent (de eigenaar van de opname) moet een vergoeding worden betaald voor het gebruik van de opname. Over de hoogte van de vergoeding moet men het samen eens worden.

Norma en Sena

Om er voor te zorgen dat niet elke muzikant apart in onderhandeling hoeft te treden met elke omroep die een nummer van een cd wil uitzenden waarop hij te horen is, worden die onderhandelingen gevoerd door overkoepelende organisaties: de Norma en de Sena. Zij onderhandelen met de gebruikers van opgenomen uitvoeringen. Dat zijn niet alleen de publieke- en commerciële omroeporganisaties, maar ook kabelondernemingen en iedereen die in het openbaar muziekopnames ten gehore brengt (horeca, stadions, fabriekshallen, sportkantines, etc. etc.).
De Sena onderhandeld over de vergoedingen voor muziek die op “commerciële geluidsdragers” (bijvoorbeeld cd’s) verschenen is; de Norma voor alle andere muziek (dus voor live-optredens voor radio of tv, voor achtergrondmuziek bij Soapseries, etc.). Beide organisaties incasseren dit geld ook en keren het uit aan de uitvoerende kunstenaars die daar recht op hebben. Het lidmaatschap van zowel Sena als Norma is overigens gratis…

Sena

De Sena is opgesplitst in twee afdelingen: Sena uitvoerende kunstenaars en Sena producenten. De Sena incasseert de vergoedingen voor het gebruik van op commerciële geluidsdragers uitgebrachte muziek en na aftrek van de kosten worden de gelden verdeeld over muzikanten (50%) en de producenten (50%). Nogmaals: de producent is de eigenaar van de geluidsopname; dit kan een muziekuitgever zijn, vaak is het een platenmaatschappij, maar steeds vaker – in het geval van een eigen- beheerproductie- is de muzikant vaak zelf de producent. In dat geval heeft de muzikant dus in beide hoedanigheden recht op een vergoeding van de Sena. Hij moet in dat geval wel apart lid worden van zowel Sena uitvoerende kunstenaars als Sena producenten.

Thuiskopie

Een andere recht dat uitvoerende kunstenaars in de WNR gekregen hebben is het recht op een thuiskopievergoeding. Er worden zoals bekend jaarlijks tientallen miljoenen geluids- en beeldkopieën gemaakt door mensen die daarvoor onbespeelde videobanden, cd-recordables of muziekcassettes kopen.
In de meeste gevallen worden de audio-kopieën gemaakt van platen of cd´s die men leent van vrienden of van een bibliotheek. Men kopieert dus cd´s in plaats van ze te kopen, wat ten koste gaat van de inkomsten van musici en producenten. Bovendien worden ook de auteurs benadeeld omdat zij geen auteursrecht ontvangen voor de kopieën, terwijl ze anders via de Stemra per verkochte cd een vergoeding zouden krijgen. De auteurs hebben daarom ook een thuiskopie-recht gekregen. Om iets aan deze inkomensderving te doen is in de WNR bepaald, dat er op de banden, cassettes en cd-r’s een toeslag mag worden geheven voor de uitvoerende kunstenaars, de cd- en filmproducenten, de omroep en de auteurs.
Die toeslagen worden bij de producenten en importeurs van de banden geïnd door de Stichting De Thuiskopie, waarin alle rechthebbenden zijn vertegenwoordigd.
De verdeling van de thuiskopiegelden geschiedt door een eigen organisatie van iedere groep rechthebbenden. Voor de uitvoerende kunstenaars wordt de exploitatie door de eerder genoemde Norma verzorgd. De vergoedingen voor producenten worden verdeeld door de verdeelorganisatie van de NVPI (de vereniging van producenten en importeurs), de STAP.

Leen- en verhuurrecht

Sinds 1 januari 1996 is ook de Wet Leen- en verhuurrecht van kracht. Dat recht is voor de uitvoerende kunstenaars in de WNR opgenomen en voor de auteurs in de Auteurswet. Onder Leenrecht wordt verstaan het niet-commercieel ter beschikking stellen aan derden van boeken, platen en cassettes, zoals bijvoorbeeld de openbare bibliotheken doen.
Het verhuurrecht slaat op de commerciële verhuur zoals dat door o.a. videotheken gebeurd.
Door deze wet hebben diegenen van wie beeld- en geluidsopnames worden uitgeleend of verhuurd, recht op een vergoeding van de uitlener of de verhuurder. Ook hiervoor is een stichting actief, de Stichting Leenrecht. Ook de verdeling van de leen- en verhuurgelden onder de uitvoerende kunstenaars gebeurt door de Norma.

Let op

Dit alles overziend is er dus reden genoeg op te letten dat je in contracten die je sluit je naburige rechten niet overdraagt. Ook mag het duidelijk zijn dat het belangrijk is dat je goed bijhoudt waar en wanneer je hebt meegespeeld op een opname die op cd of op de radio komt. Er zijn nog steeds vrij veel muzikanten op wie geld ligt te wachten dat ze niet geclaimd hebben. Het lidmaatschap van zowel de Norma als de Sena is gratis; het laten liggen van je geld is duur…

Wie zijn de houders van naburige rechten

De houders van naburige rechten worden onderscheiden in drie categorieën:

  • de uitvoerende kunstenaars, die naburige rechten op hun prestaties genieten;
  • de producenten van fonogrammen en films, die naburige rechten op hun producties genieten;
  • de omroeporganisaties, die naburige rechten op hun programma’s genieten.

Reikwijdte van de naburige rechten

Het begrip naburig recht is overgenomen van het auteursrecht. Dit betekent dat de houders van naburige rechten vermogensrechten en morele rechten bezitten, net als de auteurs. Wat de vermogensrechten betreft, hebben de houders van naburige rechten het exclusieve recht om de reproductie en de mededeling aan het publiek van de vrucht van hun arbeid toe te staan.
De voorrechten van de houders van naburige rechten zijn veel minder uitgebreid dan die van de auteurs.
Het naburig recht is dus een soort auteursrecht in het klein.
Opgelet, de houders van naburige rechten mogen geen afbreuk doen aan de uitoefening van de rechten van de auteurs. Bovendien zij opgemerkt dat een artiest tegelijk auteur en uitvoerder kan zijn en dus tegelijk het petje van auteursrechthebbende en naburig rechthebbende kan dragen.